In Memoriam I. Anders
Het bericht van het overlijden van onze medewerker Iemand Anders, één van de meest waardevolle en ijverige medewerkers van onze vereniging, heeft ons diep bedroefd.
Anders laat een lege plek na, die moeilijk op te vullen zal zijn.
Iemand Anders heeft jarenlang veel meer voor onze vereniging gedaan dan men normaal van een mens kan en mag verwachten.
Als er iets gedaan moest worden of wanneer er hulp nodig was, hoe dikwijls hoorde men dan niet eenstemmig: "laat Iemand Anders het maar doen". En vroeg men een medewerker om een bepaalde taak op zich te nemen, dan was heel vaak het antwoord: "dat kan Iemand Anders veel beter dan ik" of "daar heeft Iemand Anders meer tijd voor", of "daar heeft Iemand Anders meer verstand van dan ik."
Iemand Anders was een heel bijzonder mens, dikwijls een wondermens! Maar één persoon kan niet alles doen en men verwachtte veel te veel van Iemand Anders. Helaas, nu hij er niet meer is, zullen we meer zelf moeten doen, allemaal samen.
Op Iemand Anders kunnen we niet meer rekenen.
Er is een man in het zwart gestoken,
Een man waar zoveel over wordt gesproken.
Wanneer men weer eens heeft verloren,
Wanneer men niet heeft kunnen scoren.
Het is een feit, want steeds maar weer,
Gaat men tegen die man te keer.
En dat is niet zomaar af en toe,
Nee,Elke wedstrijd maakt men hem weer moe.
Het is reeds algemeen bekend,
Die man in zwart is een krent.
En hoe je het ook went of keert,
Het is de speler die het hem leert.
Maar waarom tegen die man zo'n getier,
Hij doet het toch maar voor zijn plezier.
Hij doet als ieder ander toch zijn best,
Is hij de man die de boel dan verpest?
Maken wij dan geen fouten?
Zijn wij van die schattebouten?
Ieder doet wel eens wat niet kan,
Ieder pakt wel eens een man.
Hoeveel fouten maak jij op het veld?
Heb je dat wel eens opgeteld?
Dan kom je aan spelen niet meer toe,
Alleen van het tellen wordt je al moe.
De man in het zwart die maakt het uit,
Er is maar 1 enkele fluit.
Weliswaar is bij iedereen bekend,
Spelers plus aanhangen zien meer dan 1 vent.
Maar met dat gemopper schiet je toch niets op,
Want je eigen team zit met de strop.
Want al is hij nog zo slecht,
Je moet wel altijd doen wat hij zegt.
En doe je dat niet, dan weet je het wel,
Dan sta je snel met 2 minuten buiten het spel.
En wat bereik je daar nu mee,
Je komt alleen maar verder in de puree.
Dus vanaf nu houdt iedereen zijn hoofd,
Als je dit verhaal van mij gelooft.
Het zal u niet zijn ontgaan. De KNVB heeft zich de afgelopen periode ingespannen om te komen tot een nieuwe, meer effectieve aanpak van excessen. De aanwezigheid van excessen zijn ons een doorn in het oog omdat ze de voetbalsport grote schade opleveren. De KNVB spant zich al jarenlang in om deze excessen te voorkomen en zullen blijft dat ook doen. Dat neemt niet weg dat we de behoefte hebben gevoeld om ook op repressief vlak een duidelijk signaal af te geven, de KNVB tolereert de aanwezigheid van excessen in het voetbal niet langer.
Onder excessen verstaat de KNVB buitensporig fysiek en/of verbaal geweld in het amateurvoetbal, zoals ernstige bedreigingen, molestaties van scheidsrechters, spelers en/of trainers en collectieve vechtpartijen. De belangrijkste veranderingen in de aanpak van deze excessen zijn de strafmaat en de strafprocedure.
Bij buitensporig fysiek geweld, wanneer dit individueel wordt gepleegd, ontzet de tuchtcommissie leden sneller uit het lidmaatschap van de KNVB. Bij collectieve excessieve overtredingen gaat de tuchtcommissie eerder over tot het uit de competitie nemen van een elftal of team. De marges voor de strafmaat zijn vergroot naar maximaal tien jaar en tevens wordt gewerkt met minimumstraffen. Om een voorbeeld te geven: aan spelers die zich schuldig maken aan geweld tegen de scheidsrechter wordt de maximale straf – ontzetting uit het lidmaatschap –opgelegd. Door de betrokken speler zelf aangebrachte verzachtende omstandigheden kunnen leiden tot een lagere straf. De minimale straf bij dit soort geweld is een schorsing van drie jaar.
Daarnaast wordt de procedure aanzienlijk versneld. In het verleden namen dergelijke zaken op zijn minst vier weken in beslag. Vanaf volgend seizoen is er in de tweede werkweek na het exces een uitspraak van de tuchtcommissie. Ook in het geval van een beroepszaak wordt in een vergelijkbare termijn uitspraak gedaan. Deze tijdwinst wordt gerealiseerd doordat alle zaken in beginsel mondeling behandeld worden. Alleen in het geval dat de direct betrokkenen aangeven af te zien van mondelinge behandeling, kan de tuchtcommissie besluiten de zaak schriftelijk af te handelen.